Logo Universiteit Utrecht

Educate-it

De digitale leeromgeving van de toekomst voor Universiteit Utrecht

Het project Next Generation Digital Learning Environment (NGDLE) onderzoekt hoe de leeromgeving van de toekomst eruit kan zien voor de UU. Het project is een initiatief van Educate-it, in samenwerking met de afdeling ITS. Het project richt zich op wat nodig is om onderwijs van de toekomst optimaal te ondersteunen met digitale tooling, vanuit onderwijskundig, organisatorisch en technologisch perspectief.

De NGDLE is voor de Universiteit Utrecht een digitaal ecosysteem dat bestaat uit diverse onderwijstools en onderwijsdiensten die naadloos met elkaar samenwerken om studenten en docenten te ondersteunen bij hun onderwijsactiviteiten.

Kernbegrippen van de NGDLE voor de UU:

  • Ondersteunend aan het Utrechts onderwijsmodel, waarin persoonlijk, activerend en kleinschalig onderwijs centraal staat.
  • Gebruiksvriendelijk: eigentijdse gebruikersinterface en een samenhangend geheel voor de gebruikers.
  • Betrouwbaar: studenten en docenten kunnen erop vertrouwen dat alle voor hen relevante informatie beschikbaar, up-to-date en betrouwbaar is.
  • Flexibel: zowel in betekenis van ‘ondersteunend aan flexibel onderwijs’ als in de betekenis van een ‘flexibel aan te passen leeromgeving’ en flexibel in beschikbaarheid via devices (PC, laptop, smartphone).

De NGDLE en het Learning management systeem (LMS)

In het huidige ecosysteem is het LMS Blackboard een belangrijke onderwijstool. Blackboard kan beschreven worden als een ‘all-in-one’-tool die veel functionaliteit biedt. Niet al deze functionaliteit wordt gebruikt.  Soms wordt een ‘all-in-one’ systeem vergeleken met een Zwitsers zakmes. Zo’n zakmes bevat weliswaar heel veel mogelijkheden, maar in de praktijk gebruik je voor een aantal van die mogelijkheden toch liever een aparte tool (denk aan de kurketrekker of het schaartje in het zakmes). In het LMS vinden studenten nu het overzicht van hun cursus, de content van de cursus en er zijn mogelijkheden voor communicatie met de docent en medestudenten. Wat de precieze rol van het LMS is in de toekomstige leeromgeving, moet nog onderzocht worden. Mogelijk blijft een LMS een belangrijke component. Maar meer waarschijnlijk is dat de rol van het LMS kleiner wordt, doordat functionaliteit die nu in het LMS zit, beschikbaar komt via andere onderwijstools. Een goed voorbeeld hiervan is functionaliteit voor toetsen. Blackboard bevat functionaliteit voor toetsen, maar binnen de UU is afgesproken dat voor summatieve toetsen de digitale toetsingstool Remindo wordt gebruikt, die uitgebreidere functionaliteiten en mogelijkheden biedt voor toetsen dan de toetsmodule van Blackboard.

  1. De digitale leeromgeving ondersteunt persoonlijk, activerend en kleinschalig onderwijs, zoals beschreven is het in Utrechts onderwijsmodel, en ondersteunt blended én online onderwijs.
  2. De digitale leeromgeving is gebruiksvriendelijk en heeft een eigentijdse uitstraling.
  3. De digitale leeromgeving voldoet aan de meest recente security- en privacy eisen, waardoor de data en gegevens van gebruikers goed beschermd zijn.
  4. De digitale leeromgeving bestaat uit verschillende tools en diensten die goed op elkaar afgestemd zijn. Dat wil zeggen dat voor elke onderwijsfunctie duidelijk is welke tools en diensten beschikbaar zijn en dat specifieke kenmerken (voor- en nadelen) van de tools duidelijk zijn. Verder betekent het dat er gegevensuitwisseling mogelijk is en de toegang tot de tools goed georganiseerd is.
  5. De data die studenten genereren in de digitale leeromgeving zijn eigendom van de UU. De UU bepaalt wat er met de gegevens wordt gedaan. De UU zal deze gegevens gebruiken om studenten optimaal te kunnen ondersteunen en begeleiden (Learning Analytics) en meer inzicht te krijgen in het leerproces van een (deel van een) cohort om het onderwijs optimaal te kunnen sturen.
  6. De digitale leeromgeving moet flexibel en snel kunnen worden aangepast op eisen en wensen van gebruikers (studenten en docenten) en op basis van nieuwe inzichten verkregen uit onderwijskundig onderzoek of op basis van nieuwe technologische mogelijkheden. De UU wil hierbij de regie in eigen hand hebben.

Educate-it onderzoekt samen met ITS wat nodig en mogelijk is voor de digitale leeromgeving van de toekomst. Hierbij wordt goed gekeken naar allerlei ontwikkelingen binnen en buiten de universiteit. Het is belangrijk om dit in stappen te doen: het gaat om een evolutie van het huidige ecosysteem, en niet om een revolutie. De universiteit start met experimenteren om ervaring op doen, om te zorgen dat de verbeterstappen om tot een nieuw ecosysteem te komen terdege voorbereid zijn.

Om richting te geven aan de invulling van de NGDLE voor de universiteit zijn er vier vragen geformuleerd:

  1. Welke digitale tooling is nodig om onderwijs en onderwijsvernieuwing te faciliteren?

De belangrijkste waarde van de toekomstige leeromgeving is dat deze ondersteunend is aan het innovatieve onderwijs van de universiteit. Het is daarom belangrijk om goed te onderzoeken wat nodig is om onderwijs en onderwijsvernieuwing te ondersteunen.

  1. Hoe zorgen we voor een goede gebruikerservaring?

De waardering van studenten en docenten voor de digitale leeromgeving valt of staat met de gebruikservaring. Omdat die leeromgeving uit meerdere tools zal bestaan, is het niet vanzelfsprekend dat de gebruikers moeiteloos hun weg vinden in deze leeromgeving. Vanuit de UU moet daarom nagedacht worden over integratie van gegevens en functionaliteit, over het gebruik van standaarden en over de ingang(en) voor studenten en docenten in deze leeromgeving, bijvoorbeeld door middel van portalen of (mobiele) apps. Een goede ondersteuningsorganisatie, zodat gebruikers bij problemen snel en adequaat geholpen worden, is ook heel belangrijk voor een goede gebruikerservaring.

  1. Hoe houden we regie op data in de toekomstige samengestelde leeromgeving?

De beschikbaarheid van relevante informatie en het goed en veilig organiseren van de informatiestromen is een belangrijke succesfactor voor de NGDLE. De universiteit vindt het belangrijk studenten zoveel mogelijk in control te laten zijn over hun eigen gegevens. Studenten kunnen bijvoorbeeld bij programmatisch toetsen zelf aangeven wie hun gegevens mogen inzien.

Belangrijke vragen over regie op data zijn: Hoe kunnen Learning Analytics op waardevolle wijze gebruikt worden? Hoe organiseren we dat studenten in control zijn? Hoe komen we tot ‘privacy by design?’ Hoe kunnen we voldoen aan de eisen vanuit de AVG? Welke gegevensintegratie en standaarden streeft de UU na?

  1. Hoe houden we regie op het ecosysteem dat de toekomstige digitale leeromgeving vormt?

De toekomstige leeromgeving zal geen statisch geheel zijn, maar is aan verandering onderhevig. Hoe zorg je dat de toekomstige leeromgeving betrouwbaar en stabiel is, maar tegelijkertijd mogelijkheden voor vernieuwing biedt. Wie beslist bijvoorbeeld over de invulling en vervanging van de componenten? Wat zijn de financiële kaders en randvoorwaarden? Welke kennis en hoeveel resources zijn nodig om het ecosysteem te realiseren en in stand te houden? Wat staat vast voor gehele UU, en waar is variatie en flexibiliteit mogelijk? Hoe komen we tot een organisatiemodel waarin duidelijk wordt wie de regie voert over de NGDLE? En hoe zorgen we voor voldoende snelheid en evenwicht in het veranderproces?

Al dit soort vragen proberen we in het NGDLE project in kaart te brengen en te beantwoorden.

NGDLE voor verschillende doelgroepen

De toekomstige digitale leeromgeving zal op termijn alle verschillende doelgroepen van de universiteit moeten kunnen bedienen: het bachelor onderwijs, het masteronderwijs en het postacademisch onderwijs, en eventueel ook het pre-initiële onderwijs. Ook zal de digitale leeromgeving ingangen moeten bieden om (internationale, lokale, disciplinaire) samenwerking te faciliteren.

Share